Selecteer een pagina

Gedachtenwereld

Blog

Gedachtenwereld

Blog

Volg je intuïtie

"

Waarom het zo moeilijk is om lief te zijn voor jezelf

 

We hebben allemaal wel dat stemmetje in ons hoofd dat af en toe niet tevreden is met hoe de dingen gaan. Die niet blij is met wie je bent en goed weet hoe je zou moeten zijn. Een stemmetje met strenge regels waar je aan moet voldoen en die ondertussen nooit tevreden is. Lief zijn voor jezelf is soms een lastige opgave als dat stemmetje maar door blijft ratelen.

Het gekke is dat, hoe harder we proberen om dat stemmetje geen gehoor te geven, hoe harder hij gaat schreeuwen. We willen ermee in discussie gaan, zeggen dat het niet waar is. Onszelf ervan overtuigen dat we het wel goed doen en wel goed genoeg zijn. Maar dat stemmetje is niet weg te krijgen en zal soms vervelende dingen blijven zeggen. Of je dat nu wilt of niet.

Het lastige aan ‘lief zijn voor jezelf’ is dat het de neiging heeft om een regel te worden waar je aan moet voldoen (zie ook: Jezelf verliezen in perfectionisme). En zodra je daar niet aan voldoet, omdat je vindt dat je iets stoms hebt gedaan of misschien onzeker bent over wat je tegen je collega zei, is er een reden om even niet zo lief te zijn tegen jezelf. En daar komt dat stemmetje weer. Wat vermoeiend!

Lief zijn voor jezelf betekent niet dat je alles wat je doet moet goedkeuren. Soms doen we gewoon echt iets stoms! En regelmatig zijn we onzeker over de mate van stomheid waarmee we iets proberen te doen. Dus laten we lief zijn voor ook dat strenge stukje dat we in onszelf hebben. Dat stemmetje heeft het soms best zwaar met al dat oordelen. Laten we er lief voor zijn door er niet mee in discussie te gaan maar hem gewoon even te laten razen. Kom maar schatje, je mag bij mij even klagen.

Luisteren naar jezelf

 

Je staat voor een keuze. Wat het ook is, klein of groot, dagelijks kom je wel iets tegen waarbij je even moet nadenken over wat je wilt. Wat wil je eten vanavond? Koop je iets lekkers? Wat wil je doen dit weekend? Wat wil je doen met je leven?

Sommige vraagstukken zijn snel opgelost en verdwijnen. Bij anderen blijf je wat langer hangen. Je bespreekt het misschien met een vriend of vriendin, je denkt er goed over na en ergens wordt er gezegd ‘luister naar jezelf’.

Goed luisteren naar mezelf, hoe doe ik dat? En waar luister ik dan naar? Naar alle ruim 60.000 gedachtes die ik dagelijks heb? Probeer je eens te beseffen wat er allemaal van binnen gebeurd in een paar minuten…

Gedachtes gaan van hot naar her, zijn vaak irreëel of irrelevant. Emoties schieten per gedachte een andere kant op waar je uiteraard weer veel nieuwe gedachtes, oftewel oordelen, bij hebt. Een fijne wisselwerking waar je soms hor en dol van wordt. Hoe kan je nu tussen al die gebeurtenissen kiezen waar je naar luistert?

De reden dat ‘luisteren naar jezelf’ op de lijst staat van goed bedoelde therapeutische zinnen die niet werken is omdat er soms teveel is om naar te luisteren. Als we luisteren naar elke gedachte en emotie stoppen we heel veel energie in iets waar we maar weinig voor terug krijgen. Zie het als een doos papierwerk waar je doorheen moet spitten. Het werk is vermoeiend en meer dan de helft van wat op de papieren staat doet er niet toe. Daarnaast heb je vaak een oordeel over wat er op staat, dus lees/luister je dan wel echt?

Luisteren naar jezelf klinkt op deze manier meer als een zeer frustrerende taak waar je weinig mee opschiet. Het is te vaag. Luisteren is namelijk afhankelijk van de context, welk aspect van jou is op dat moment belangrijk om naar te luisteren? Je hart, je lichaam, je gevoelens, je normen en waarden? Of misschien is het goed om te luisteren naar wat je niet hoort?

Is er een grens voor persoonlijke ontwikkeling?

 

Houdt je handen voor je ogen. Wat zie je? Eerst lijkt het zwart. En dan verschijnen er schimmen. Afdrukken van wat je met ogen open zag. De lichtvlekken. Tot ze verdwijnen en het weer rustig wordt.

Een vriendin liet mij een video zien waarin de vraag gesteld werd: is er iets als teveel introspectie? Kan je teveel bezig zijn met jezelf? Ze moest daarbij aan ons beide denken, want wij zijn er goed in: naar binnen kijken. En soms kunnen we ons daarin verliezen en zien we teveel.

Je ogen dicht doen en naar binnen kijken of je ogen sluiten voor wat je ziet. Wat is wijsheid? Wanneer er een stortvloed aan gedachtes en emoties voorbij komt, moet ik dan kijken of juist niet? Waar ligt de grens tussen persoonlijke ontwikkeling en jezelf verliezen in het onnodige?

Ik heb het vaak over observeren. Door te observeren wat er speelt, in plaats van je er in te mengen, ben je in staat om alleen met datgene aan de slag te gaan wat echt je aandacht nodig heeft. Je overziet het geheel en haalt eruit wat van belang is. Makkelijker gezegd dan gedaan natuurlijk maar deze ken je vast ook: moeilijk is niet onmogelijk.

Het is niet alleen een kwestie van proberen maar ook een kwestie van durven: je gedachtes en emoties beschouwen als iets wat je hebt en niet wat je bent. Ze geven je een gevoel van identiteit dus wat blijft er over als je je daarvan los maakt? Wie ben je dan nog? Als je dat ziet hoef je niet meer te kijken en kan je rustig je ogen sluiten. Jij bent de essentie van wie je bent. Jij, die je altijd al bent geweest.

Moeten

Wat we allemaal wel niet moeten van onszelf…

We moeten een leuk leven hebben. We moeten onszelf zijn. We moeten ergens bij horen. We moeten weten wat we willen. We moeten ons hart volgen. We moeten er goed uit zien. We moeten ons aan de regels houden. We moeten ze overtreden. We moeten doen waar we zin in hebben. We moeten lachen. We moeten avontuurlijk zijn. We moeten accepteren. We moeten loslaten. We moeten niet te veel nadenken. We moeten zorgeloos leven. We moeten ontspannen. We moeten mindful zijn. We moeten niet zo emotioneel doen. We moeten onze emoties uiten. We moeten oplossen. We moeten assertief zijn. We moeten bescheiden zijn. We moeten nee zeggen. We moeten ja zeggen. We moeten voor onszelf opkomen. We moeten boos kunnen zijn. We moeten kunnen huilen. We moeten in het nu leven. We moeten aan de toekomst denken. We moeten het anders doen. We moeten trots zijn. We moeten waarderen. We moeten blij zijn met wat we hebben. We moeten gelukkig zijn.

Op zoek naar jezelf: terug naar de essentie

 

Ik heb gedachtes maar ik ben ze niet. Ik heb emoties maar ik ben ze niet. Ik heb oordelen maar ik ben ze niet. Regelmatig maar ik gebruik van deze zinnen en ik geloof er ook in dat als je jezelf los ziet van je gedachtes, emoties, oordelen et cetera je beter in staat bent om te luisteren naar je intuïtie en je lichaam. Of eigenlijk: naar jezelf. Maar makkelijk is het niet. We zijn namelijk behoorlijk gehecht aan wat we denken, ervaren en vinden. Ons gedrag wordt er voor een groot deel door bepaald. Dus als je dat alles los weet te laten, wat blijft er dan over?

Wie ben je als je niet je gedachtes of emoties bent? Wat is je houvast als je in staat bent om alles los te laten?

We gaan wel eens door fases heen waarin we ‘veranderen’. We ervaren levenslessen die ervoor zorgen dat we patronen doorbreken, gedrag aanpassen of op een andere manier naar de wereld om ons heen kijken. We zijn, of gedragen ons, in die zin dan ook niet constant hetzelfde. Sterker nog, elke minuut kunnen we ons anders voelen en ons daarmee anders gedragen. Soms geven we uiting aan gekke gedachtes en doen spontaan iets wat we ‘normaal’ gesproken niet zouden doen. Hoe we ons voordoen als wie we zijn is continu onderhevig aan alles wat van binnen en om ons heen gebeurt.

Toch is er, ondanks als die afwisseling en veranderingen, een constante factor in ons. Een gevoel van ‘zijn’ dat nooit veranderd is. Degene die je was als klein kind, puber en nog steeds bent als volwassene. Een wezen. Een ziel. Weten wie je bent is dan ook geen zoektocht maar eerder het loslaten van wat of wie je niet bent. Minimalisme voor je identiteit.

Onze gedachtes, emoties, oordelen, percepties, normen en leefregels geven ons houvast. Ze geven richting aan ons gedrag en geven daarmee misschien wel een gevoel van veiligheid. Maar als we in staat zijn om te kijken wat daar achter zit en onszelf ervan loskoppelen dan zie je iets heel moois: jij, die altijd al aanwezig is geweest.

Waarom we liever in onze comfortzone blijven zitten

 

Ik zou zo graag van baan veranderen. Ja maar, wat als ik mijn vaste contract verlies? Ik zou zo graag mijn schilderijen verkopen. Ja maar, wat als niemand ze mooi vindt? Ik zou zo graag een partner willen. Ja maar, wat als ik weer gedumpt wordt? Bij alles wat we graag willen komen een hoop onzekerheden kijken. En daarom doen we niet altijd wat we willen. Terwijl er juist ook zoveel mooie dingen voor je liggen!

Van nature zijn wij allen op zoek naar veiligheid. We zijn dierlijke wezens die er alles aan doen om te overleven. Dat zit in onze natuur. De oermens in ons moet zich continu bewust zijn van gevaar omdat we het niet redden als we niet alert zijn. En ook redden we het niet zonder elkaar. Eenzaamheid betekent niet alleen dat je je alleen voelt, de oermens in jou voelt zich ook onveilig. Je kan immers geen wolven verslaan in je eentje (althans, de meesten van ons niet).

Het is dus niet zo gek dat zodra we iets willen wat nieuw en anders is, we ons zorgen gaan maken, gaan piekeren en uiteindelijk besluiten te blijven zitten waar we zitten. Een onveilig gevoel is helemaal geen prettig gevoel en moet zoveel mogelijk vermeden worden. Gelukkig willen we zijn! En daar hoort onzekerheid niet bij. En zo brengen we onszelf continu in de war met de vraag: wat wil ik nu eigenlijk? Omdat wat je gelukkig gaat maken, je vaak ook heel onzeker maakt.

Maar toch worden we ook niet gelukkig van stil blijven zitten. Je wilt immers die andere baan, je schilderijen verkopen of een partner omdat je daar een goed gevoel bij krijgt. Alleen dat gebeurt niet als je er niets voor doet. Als je niet bereid bent om je ook wankel te voelen, onzeker en onveilig. Dus als je iets wil, neem je dan liever een stevige brug naar het land van ‘hier kan ik mee leven’ of neem je de wiebelbrug naar ‘yes, te gek!’?

We hechten teveel waarde aan emoties

 

Laatst ben ik in tranen uitgebarsten voor een publiek van zo’n 70 man. Ok, 40 misschien maar het voelde als 100. Ze zaten in een halve cirkel om me heen en ik bevond me op een gelijkvloers podium. Naast me stond de workshopgever die me een oefening liet doen die niet bij mij binnenkwam. Er knapte iets. Het lukte niet. Hij stond in de weg. En het ging ook nog over iets wat pijn doet.

Is dat erg? Ik zal niet zeggen dat ik het leuk vond maar tegelijkertijd wel fascinerend. Wat is dat toch, die emotie? En waarom schrok iedereen zo toen die er was? Ik voelde een vlaag van angst en empathie tegelijk. Maak je maar geen zorgen, ik ben ok, dacht ik terwijl er tranen uit m’n ogen kwamen.

We hechten veel waarde aan emoties. Met name door niet willen hebben ervan. We zien iemand huilen en willen niet dat diegene huilt. Misschien omdat we het zielig vinden, de redder willen zijn of er simpelweg zelf ongemakkelijk van worden. En we willen liever niet dat een ander ons ziet huilen. Dat een ander er ongemakkelijk van wordt, medelijden krijgt of de redder gaat proberen te zijn. En juist door al die onderdrukking maken we alles groter dan dat het is. Het zijn maar emoties.

Hoe harder we ons best doen om niet emotioneel te worden, hoe heftiger de emotie er uiteindelijk uit komt. Niet makkelijker maar wel mooier is het als we in staat zijn om de emotie te herkennen en te accepteren dat die aanwezig is. Daarmee verdwijnt niet het vervelende gevoel maar wel het gevecht er tegen. Je staat toe dat je iets niet fijn of leuk vindt. We mogen verdrietig zijn. Of boos. We kunnen accepteren dat we gevoelens hebben die niet altijd prettig zijn. Het is niet leuk maar wel ok.

Laatst ben ik in tranen uitgebarsten voor een publiek van zo’n 70 man. Het was niet leuk maar tegelijkertijd prachtig!

Je pad veranderen: alle twijfels aan de kant

 

Wat nu als ik niet goed genoeg ben? Die gedachte gaat de laatste tijd vaak door mijn hoofd. Ik weet wat ik wil, ik weet wat ik kan, maar kan ik de stap nu al maken? Ben ik al op dat niveau? Ook weet ik dat als we blijven twijfelen en niets doen, niet durven en niet gewoon de stappen zetten hoe eng ze ook zijn, we blijven zitten waar we zitten. Waar kies ik voor?

Er zijn verschillende soorten verandering. We kunnen bijvoorbeeld een routine veranderen, een handeling. Vaak een kwestie van discipline en wennen aan je nieuwe routine. Of we kunnen onze perspectieven veranderen. Open staan voor nieuwe ideeën en tot nieuwe inzichten komen die verheldering kunnen geven. En het is mogelijk om je pad te veranderen. Afwijken van waar je naar toe groeit en nieuwe keuzes maken. Keuzes die leiden tot een andere ontwikkeling. Keuzes waarbij niet alleen je handelingen en perspectieven veranderen, maar misschien ook je omgeving, je activiteiten en de manier waarop jij jezelf laat zien.

Wanneer we ons pad willen veranderen wordt er veel in beweging gezet. Waar leidt dat nieuwe pad naar toe? Hoe ga ik dat pad bewandelen? Wat kan ik verwachten en wat verwacht ik van mezelf? Er zijn veel meer onzekerheden, onduidelijkheden en misschien zelfs wel mogelijke ‘gevaren’. Risico’s. En dat maakt dat we kunnen gaan twijfelen. Ben ik wel goed genoeg? Kan ik dit wel?

Als het eng is het goed, zei een vriend tegen me. Dan weet je dat je je gaat ontwikkelen. Dat je nieuwe dingen gaat leren, ontdekken en gaat groeien. Dat er daadwerkelijk verandering komt. Het is niet moeilijk om je pad te veranderen, het is moeilijk om erop te vertrouwen. Kan ik dit wel? Ik weet het niet, maar het is het proberen waard.

Je hart volgen

 

Doen wat goed voelt voor je. Klinkt mooi. Het probleem is alleen dat je er vaak achteraf pas achter komt wat goed is. Soms ontdek je het op tijd en voorkom je de ellende die een verkeerde richting met zich mee kan brengen. En soms kom je er achter als je er al midden in zit. Of er ellendig uit komt. Als je er gelukkig uit komt is er uiteraard geen probleem…

Je hart volgen. Dat klinkt alsof de keuze die je daarmee maakt je gelukkig moet maken. Alsof geluk een kwestie is van de juiste keuzes maken. Maar dat je pijn ervaart aan iets wat gebeurt is wil niet zeggen dat je niet je hart hebt gevolgd. Wat mij betreft. En ik spreek uit ervaring.
Je hart volgen is niet een kwestie van de juiste keuze maken maar van lef. Niet bang zijn voor de pijn die je keuze misschien teweeg kan brengen. Het niet maken van de keuze zal waarschijnlijk ook voor pijn zorgen. Het omgaan met die pijn, dat is de truc.

Je hart volgen kan dus altijd als je bereid bent om de consequenties daarvan te aanvaarden. Positief en negatief. Pijn en geluk zijn bij elk pad dat je kiest aanwezig. Niets is makkelijk maar ook niet onmogelijk.

– Ik loop nog liever twintig keer tegen dezelfde lamp dan dat ik genoegen neem met iets wat niet bij me past –

Open minded zijn: hoe doe je dat?

 

Het liefst zouden we 100% van de tijd open minded zijn. Toch? Het klinkt zo lekker positief! Ondertussen zitten we vol met oordelen. En als we niet willen oordelen veroordelen we onszelf erover. Een zinloze en vermoeiende bezigheid. Dus hoe verander je dan je mindset?

Al voordat we een nieuw persoon in ons leven voor het eerst de hand schudden hebben we al een mening gevormd. Of we dat nu leuk vinden of niet. Misschien zit z’n haar stom, of lacht ze raar, iemand kan je de kriebels geven, een fijn gevoel of je jaloers maken. In een paar seconden is het gebeurd.

Ook als we iemand al langer kennen zitten we vol met oordelen. En over degene die je het langste kent al helemaal: jezelf. Vanalles mag wel of mag niet, heb je nodig, moet je doen, doe je stom etc. Onze oordelen zijn er. Punt. Dus heeft het wel zin om ze proberen niet te hebben?
Open minded zijn betekent met hele mooie woorden: open staan voor wat je tegemoet komt. Iets simpeler gezegd: nieuwsgierig zijn. Het is een nieuwsgierige en onderzoekende mindset. Nieuwsgierig naar een ander en naar jezelf. Waarom doet diegene dat? Wat heeft ervoor gezorgd dat je zo reageert?

Nieuwsgierigheid zorgt er voor dat je je oordelen kan laten varen. Want met een oordelende blik ontdek je namelijk niets nieuws. In plaats van je oordelen proberen los te laten of ze misschien wel te veroordelen verdwijnen ze vanzelf naar de achtergrond als we een nieuwsgierige houding aannemen. Je verschuift je focus.

Dus misschien heeft die lastige collega wel hele goede kwaliteiten? Of heeft die mevrouw achter de kassa een reden dat ze zo chagrijnig is? En misschien is het beeld dat anderen van je hebben veel positiever dan je zelf denkt? Je weet het niet totdat je nieuwsgierig gaat zijn. Open minded.

Geïnspireerd raken door waar je niet in gelooft

 

Soms geloof je iets pas als je het met je eigen ogen hebt gezien. Of als je het zelf hebt ervaren. Iemand op woorden geloven terwijl jij ervan overtuigd bent dat het toch echt anders is, dat is lastig. Want je weet zeker dat wat die ander zegt niet klopt. Jouw ervaring is heel anders! Toch kan het inspirerend zijn om wel in de ander te geloven en je eigen gedachtes even aan de kant te zetten.

De waarheid is vaak relatief en subjectief. Ieder heeft een eigen waarheid en een waarheid hangt vaak af van de context. Zelfs een appel kan je op verschillende manieren bekijken en de kleuren die jij er in ziet zijn niet precies hetzelfde zoals een ander ze ziet. Sterker nog, zelf zie ik met mijn rechteroog kleuren warmer dan met mijn linkeroog. Dus welk oog heeft nu gelijk?

Jouw waarheid is voor jou net zoveel waar als andermans waarheid voor diegene altijd waar is. Om je in een ander te kunnen verplaatsen is het eerst belangrijk dat je gelooft dat diegene mogelijk de waarheid spreekt. Ook al ben je het er niet mee eens. Je hoeft het er ook niet mee eens te worden, je hoeft het alleen maar te begrijpen. Begrijpen gebeurt pas als je het als een mogelijkheid beschouwt dat de ander gelijk heeft. Dan kan je zien wat er echt bedoelt wordt.

Als je toe bent aan nieuwe inspiratie, bijvoorbeeld omdat je wat veranderingen in je leven wilt aanbrengen, of je zit met een probleem, dan kan je je laten inspireren door open te staan voor andermans waarheden, wijsheden en ervaringen. Je hoeft het niet te geloven maar doen alsof en het te onderzoeken stelt je open voor de mogelijkheid en kan je nieuwe inzichten geven. En dat… is de waarheid.

De sleutel tot loslaten

 

Om te weten hoe je moet loslaten moet je eerst weten wat het betekent. Of liever, wat het niet betekent. Want de misvatting over wat loslaten nu eigenlijk is houdt ons juist tegen in het daadwerkelijk kunnen loslaten. Loslaten betekent namelijk niet: je mag er niet meer aan denken, je mag er geen emoties bij hebben, je mag er niet meer over praten.

Soms voelt loslaten als een gevecht. Hetgeen dat ons dwars zit blijft sterk aanwezig. Het belemmert ons in dingen die we willen doen en houdt ons veel bezig. Proberen om ergens niet aan te denken is ook vechten. Je kan immers je gedachtes niet tegen houden. Hetzelfde geldt voor je emoties aan de kant schuiven of er niet meer over praten. Hoe harder we vechten hoe moeilijker het wordt en hoe meer we vasthouden aan datgene dat we eigenlijk willen loslaten.

Om te kunnen loslaten is het nodig om te erkennen dat je ergens gedachtes en emoties bij hebt. Merk op dat je eraan denkt, merk op dat je er emoties bij hebt, merk op dat je er over wilt praten. Je bent niet je gedachtes. Je bent niet je emoties. Je bent niet je gedrag. Door op te merken wat er in je speelt zonder daar actief in mee te doen creëer je een afstand tussen wat er speelt en wie je bent. Het stelt je in staat om objectief te kijken naar het gevecht en te beoordelen wat je nu echt nodig hebt.

De sleutel tot loslaten is het niet dichttrekken van een deur en deze op slot doen. Loslaten is ook niet deuren open zetten en meedoen aan het gevecht dat er achter ligt. Loslaten bekent dat je kan kijken door het sleutelgat, zien wat er speelt en erkennen dat jij ondanks alles nog steeds jezelf bent.

Door de bril van je innerlijk kind

 

Je voelt de warmte van je kop thee in je hand en ruikt de geur die je neus bereikt. Je buik beweegt op en neer als je adem haalt en je hoort de klanken die het ademen maakt. Je brengt het kopje naar je lippen en voelt de hete thee tegen je lippen aan. Dan neem je voorzichtig een slok. De warmte stroomt door je lichaam alsof je voor het eerst een kop thee drinkt. Het is mogelijk de wereld te bekijken door de bril van je innerlijk kind.

Stel je voor dat alles wat je doet nieuw is. Dat we de kleine dagelijkse handelingen die we doen zonder daarbij na te denken opnieuw ervaren alsof we dat voor het eerst doen. Is dat het contact met je innerlijk kind?

Hoe jonger het kind hoe nieuwer de ervaringen. Een baby heeft nog nooit een stukje brood gegeten zodra hij geboren wordt maar als volwassene is het inmiddels gesneden koek. Je denkt er niet meer bij na. Er gaat zoveel aan ons voorbij waar we niet stil bij staan. En dat stil staan is juist waar we naar op zoek zijn. Misschien is het wel makkelijker dan het lijkt?

Mindful een kop thee drinken, of koffie als je dat liever hebt. Wakker worden. Je tanden poetsen. Je brood smeren. Het kost je weinig tijd. Het vraagt alleen aandacht. Een bekende handeling doen alsof het een nieuwe ervaring is zorgt ervoor dat al het andere om je heen afneemt in aanwezigheid. Jij bent op dat moment alleen dat aan het doen waar je aandacht naar toe gaat. Je kopje thee.

Ons innerlijk kind is niet zo ver weg als we in staat zijn de wereld om ons heen te beschouwen en te observeren als iets nieuws. Het vraagt alleen een nieuwsgierige houding, aandachtig en open. Zoals een klein kind naar de wereld kijkt.

Je innerlijk kind: wie is dat?

 

Je af en toe weer eens als een kind gedragen. De vrijheid van verantwoordelijkheden, zelftwijfel en remmingen. Lekker speels zijn en je nergens druk om maken. Is dat je innerlijk kind? Kinderen zijn ook egocentrisch, afhankelijk en gefocust op hun eigen levensbehoeften. Ze zijn onderhevig aan alles wat wij ze leren. Goed en slecht. Welk innerlijk kind wil je zijn?

Zelf was ik als kind vaak stil en aanschouwend. Rustig en altijd op zoek naar vrede om me heen. Ik wilde dat iedereen lief was voor elkaar. Ook was ik zelfstandig zodra dat kon. Eenmaal iets aangeleerd dan zou ik het voortaan zelf doen. In de essentie is dat nog steeds hoe ik ben.

Eenmaal bewust van meningen merkte ik dat anderen me verlegen, té stil en té lief vonden. Met die oordelen heb ik lang geprobeerd afstand te nemen van deze eigenschappen. Ik wilde niet verlegen en té lief gevonden worden. Het klonk als iets wat niet goed is. De neiging om te laten zien wat ik in huis heb is daardoor groot. Ik wil mezelf bewijzen.

Er zijn maatschappelijke beelden van hoe je zou moeten zijn. Hierin ben je teveel daarin te weinig en uiteindelijk ben je nooit goed genoeg. Je kan niet aan alle beelden voldoen. Zodra je de beelden overneemt en als waarheid beschouwt begint de strijd tussen wie je bent en wie je denkt dat je zou moeten zijn. Maar diep van binnen, ben je niets veranderd. Ik ben nog steeds rustig, lief en op zoek naar vrede om me heen.

Je innerlijk kind vrij laten betekent in deze zin jezelf accepteren. De eigenschappen accepteren die jij hebt waar anderen misschien een oordeel over hebben. Oordelen die je zelf hebt overgenomen over de eigenschappen die je al had als kind.

Ik ben (te) lief. Gelukkig wordt daar niemand slechter van.

Verlangen naar vrijheid – vrijheid zonder verlangens

 

Vrij van onzekerheden, belemmeringen en vrij van de dingen die je meedraagt uit je verleden. Een innerlijke vrijheid, is dat mogelijk? Zouden we alles los kunnen laten en vrij kunnen zijn?

Wat we meemaken nemen we mee. We noemen dat wel eens ‘de rugzak’. Hoe ouder je wordt hoe meer deze gevuld is en de een is zwaarder dan de ander. Deze rugzak maakt ons onzeker. Ervaringen uit het verleden hebben invloed op je keuzes van nu.

Vaak is het dan ook niet veel meer dan onze eigen onzekerheid die ons tegenhoudt. Hoe zelfverzekerd iemand ook mag overkomen, iedereen heeft onzekerheden. Iedereen heeft belemmeringen door onzekerheden. De dingen die je laat omdat je ze niet durft. Het mooie is, de onzekerheden heb je, maar dat wil niet zeggen dat je daar naar hoeft te luisteren. Je hebt de vrijheid om te kiezen wat je doet ondanks de onzekerheden die er spelen.

Maar je hoeft ze ook niet te negeren. Soms proberen we ‘schijt’ te hebben aan dat gene wat ons onzeker maakt. Er niks om geven lijkt de truc te zijn om je af te zetten tegen hetgeen je niet in je leven wilt. Maar juist die negatieve houding geeft aan dat je er wel iets om geeft. Zo belangrijk dat we soms de behoefte hebben om uit te spreken dat we er niets om geven. Stiekem stop je best veel energie en aandacht in je best doen ergens niet om te geven en verlies je aandacht voor datgene waar je wel om geeft. De dingen die je waardevol vindt.

Vrij zijn om te doen wat goed voelt is een keuze. De keuze om je onzekerheden te erkennen maar je niet te laten tegenhouden. De keuze om je rugzak te dragen, te zien en je er niet door te laten belemmeren. Vrij ben je al, als je dat toelaat.

De kracht van opnieuw proberen

 

Of je nu bewust goede voornemens maakt of niet er is vast wel iets waarvan je denkt: dat ga ik anders doen. Misschien heb je wel hele concrete doelen gemaakt: reizen, stoppen met roken, gezonder eten, meer sporten. Of wat abstractere doelen: meer tijd met mensen om wie je geeft, meer tijd voor jezelf. Hoe dan ook, doelen maken we te pas en te onpas en daar hebben we geen nieuw jaar voor nodig. Maar wat nu als je die doelen in het verleden al niet hebt gehaald? Heeft het dan nog wel zin?

Soms zijn we geneigd ergens niet aan te beginnen. De vorige keer is het me ook niet gelukt dus waarom zou het nu dan wel lukken? Wat heeft het voor zin om iets te proberen als ik al van te voren weet dat ik ga falen? Toch vergeten we dan één ding: je hebt minimaal één keer geprobeerd. Al ben je maar één keer gaan sporten, heb je één keer gezond gekookt of ben je één keer vaker naar je ouders gegaan. Die ene dag is je gelukt. En dat moment kan je over doen.

Elke verandering die je een bepaalde periode hebt vol gehouden kan je diezelfde periode nog een keer volhouden. Het is je al een keer gelukt dus je kan het nog een keer ook al ben je er toen mee gestopt. Het gaat niet om het moment dat je stopte het gaat om het moment dat je startte.

Een handig hulpsteuntje die je daarbij kan gebruiken is de 10-dagen regel. Alles kan je tien dagen proberen. En als dat lukt, nog eens tien dagen. Een verandering die je levenslang wilt invoeren zal je veel eerder het gevoel van falen geven. De druk is te hoog en het tijdspad te lang. Ga voor de kleine succesmomentjes. Vandaag begin ik weer! 10 dagen!

Elk startmoment kan je over doen. Falen bestaat niet als je opnieuw kan beginnen.

Waarom luistert er niemand naar mij?

 

Als je je handen voor je mond houdt en even niets meer zegt. Als je de woorden voor jezelf houdt op het moment dat je ze het liefst wilt uitspreken. Wat wordt dan belangrijk?

We kunnen veel met onze woorden. Liefde benoemen, verweer geven, pijn doen, iemand laten lachen. Het scala aan mogelijkheden is groot en nodig om te kunnen communiceren. Maar wat als we de woorden weg laten? Wat gebeurt er als je een keer niets zegt en alleen maar hoort en ziet?

Soms is het verstandiger om even niets te zeggen. Juist wanneer de drang het grootst is. Je emoties zitten hoog, je moet iets kwijt, je wilt weten hoe het zit en het liefst nu meteen. Misschien wil je het er wel uit schreeuwen! Dat zijn vaak de momenten wanneer we onrealistisch zijn. Wanneer we van een mug een olifant maken en ons laten leiden door een scala aan gedachtes waarvan de meerderheid niet relevant is. Ons hoofd is er goed in om ons voor de gek te houden.

Iets uitpraten kan je beter doen als je rustig bent. Als je in staat bent om ook zelf te luisteren en te voorkomen dat het geen monoloog wordt. Uiteindelijk wil je gehoord worden maar als je vast zit in je eigen taal, niet luistert naar de ander, dan hoor je wellicht ook niet wat je zelf zegt en verdwijnt de kracht die woorden zouden kunnen hebben.

Als je in staat bent om tot rust te komen voordat je je woordkanon op iemand afvuurt neem je de tijd om te bedenken wat je nu eigenlijk wilt zeggen. We zijn goed in staat om er vanalles bij te halen wat er niet toe doet. Gebeurtenissen uit het verleden, ingevulde gedachtes en gevoelens van de ander, frustraties die betrekking hebben op iets anders. Maar ergens zit er een kern. Een waarde die je hebt waar mee gerommeld wordt. Je eigenwaarde, eerlijkheid, openheid, liefde…

Streven naar perfectie

 

Het gras is groener aan de andere kant van de heuvel. Die uitspraak kennen we allemaal wel en we weten rationeel gezien dat het niet altijd waar is. Toch blijven we onszelf vergelijken met de buren en hebben daarnaast het streven om ‘jezelf’ te zijn. Twee tegenstrijdige verlangens waardoor we wel eens in de war raken over wat we nu eigenlijk echt zelf willen en wie we zijn.

We worden dan ook flink beïnvloed met beelden van hoe we zouden moeten zijn en wat ons beter of gelukkiger maakt. Zelfs het wegdoen van tv (blog) biedt geen oplossing om deze invloed te vermijden, alleen te verminderen. Toch kunnen we nooit iedereen zijn. Er zijn zoveel verschillen dat altijd iemand is die anders is dan jij en misschien wel op zo’n manier dat je denkt, was ik maar zo. Is het misschien een onmogelijk streven naar perfectie? En wat is dan perfect?
Net zoals het gras onderhevig is aan het weer zijn ook wij onderhevig aan allerlei toestanden. De gebeurtenissen in ons leven, de alledaagse dingen, de ochtendhumeuren en geluksmomentjes.

Perfectie is wat dat betreft een momentopname. Datgene wat je bij een ander aanschouwd is niet een constante staat van zijn maar een moment waarin diegene iets doet wat jij waardeert, benijd of liefhebt. Zo heb je zelf ook je perfecte momentopnames waarin iemand datgene ervaart bij jou. We zijn allemaal perfect. Op z’n tijd.

We ervaren een momentje van imperfectie door onszelf te vergelijken met de ander en iets te zien wat we bij onszelf ook graag zouden zien. Een moment waarin je even graag die ander zou willen zijn. Maar blij zijn met wie je bent en een ander benijden om wie hij of zij is kunnen langs elkaar leven. We zijn wie we zijn op dat moment. En misschien zijn onze perfectie momentjes dan ook geen momentjes van perfectie, maar momentjes van inspiratie.

Stilte tussen de prikkels door

 

Je handen voor je oren. Even weg van alle geluiden. Het is stil. Of toch niet? Je innerlijke geluiden, je adem, je gedachtes. Er is altijd wel iets. En toch is het ook stil. Het is altijd stil. Tot het niet meer zo is.

We worden vaak overprikkeld. Of we laten onszelf overprikkelen. Prikkels zijn er in ieder geval genoeg. Social media, televisie, het gemak van in contact zijn met elkaar. On demand halen we spullen in huis en in de wachtrij vermaken we ons met ons mobiel alsof wachten niet van deze tijd is. We zijn er zo aan gewend dat de meeste prikkels ons niet eens meer opvallen.

Door al die onrust lijkt het alsof er nooit stilte is. Alsof je nooit rustig kan zijn. Er is altijd wel iets. Pas als je je terug trekt in de bergen en als een monnik de hele dag mediteert, dan kan je zen zijn. Zo lijkt het. En ja, ‘zen’ zijn zal waarschijnlijk een stuk makkelijker zijn zonder al die prikkels.

Toch geloof ik dat je altijd stil bent. Innerlijke stilte is niet iets wat je creëert, het is iets wat je bent. Stilte zoek je niet op, je bent het al. Alleen je bent afgeleid van je innerlijke stilte door al die prikkels. Misschien ben je het zelfs wel vergeten. Vergeten dat er los van al die prikkels een stilte is.

Veel prikkels kan je zelf kiezen. Social media, televisie, het gemak van in contact zijn met elkaar. Voor een groot deel overprikkelen we onszelf en elkaar. Hoe stil je je omgeving wilt hebben bepaal je zelf en is voor iedereen anders. Hoe meer prikkels je kiest hoe makkelijker je afgeleid wordt van je stilte. De stilte die je in je hebt.

Dus doe je oren dicht en geniet van de rust.

Als tijd alle wonden heelt, waarom komen ze dan terug?

 

Geef het wat tijd, wordt er gezegd. Want tijd heelt alle wonden. Toch gebeurt het dat jaren later diezelfde wond open gaat. Dat je tegen eenzelfde soort lamp loopt en de pijn van vroeger weer boven komt. Of dat je een patroon herkent dat je jezelf hebt aangeleerd om niet naar de wond te hoeven kijken. Soms gaat er iets mis als we de tijd onze wonden laten helen…

Veel emoties zijn tijdelijk. Er gebeurt iets, het is niet leuk maar je komt er wel over heen. Je kan met een gerust hart zeggen, geef het wat tijd, want het gaat wel over. Misschien heb je gewoon even je dag niet of valt het allemaal wel mee als je het even laat bezinken.

De moeilijkere momenten hebben wat meer tijd nodig. Tijd helpt je om dingen in een ander perspectief te gaan zien. Wanneer de rust is terug gekeerd en je kan nadenken over wat er nu echt speelde. En misschien is dat wel wat we vergeten als we iets ‘tijd’ geven. Een moment van bezinning en reflectie. Nog even terug kijken op wat er gebeurde en bepalen of je het tijd hebt gegeven of weg hebt gestopt.

Dat je iets tijd geef wil namelijk niet zeggen dat het geen aandacht meer mag krijgen. Het hoeft niet genegeerd te worden en als de pijn af en toe nog aanwezig is, dan is dat zo. Tijd geven wil niet zeggen dat je er niet meer mee bezig mag zijn of er over na mag denken. Of dat je überhaupt niks meer mag voelen.

Het toestaan of niet toestaan van de aanwezigheid van pijn maakt het verschil tussen ‘tijd geven’ en ‘weg stoppen’. Geef het zoveel tijd als je wilt. En daarnaast ook aandacht en liefde.

Volg gedachtenwereld:

FacebookInstagramEmaillijst  |  Linkedin

Karlien@gedachtenwereld.nl

FacebookInstagram

Emaillijst  ~  Linkedin

Karlien@gedachtenwereld.nl

© 2019 Gedachtenwereld